
Het Pajottenland en het Hageland zijn de oudste productiegebieden van aardbeien. Meer dan 150 jaar geleden begon hier de teelt van aardbeien, vooral in en rond de kasteeltuinen. In 1951 werd het Verbond van Aardbeitelers opgericht met afdelingen in gemeenten van het Pajottenland en het Hageland, waar in die tijd haast in iedere straat aardbeien geteeld werden. Deze plaatselijke afdelingen organiseerden bijeenkomsten, infomomenten, ledenfeesten en om beurten ook een aardbeitentoonstelling. De drang naar nieuwe kruisingen of nieuwe rassen maakten van deze tentoonstellingen voor de telers het event van het jaar. Verschillende nieuwe rassen werden hier in de streek gecreëerd via kruisingen of soms ook gewoon gevonden als zaailing.
Onder impuls van toenmalige bestuurders zoals o.a. Marcel Van Laer, Alfons Theunis, Sylvain Smets, Achiel Heyvaert, Albert Coomans, Victor Mattens, Sus Renders, Marcel Beeckmans om er maar enkele te noemen en zonder afbreuk te doen aan de inzet van vele andere bestuursleden, groeide het verbond uit tot een bloeiende vereniging die ook buiten het Pajottenland en Hageland activiteiten ontplooide. Het verbond had in die jaren zelfs zijn eigen periodiek ledenblad.
Na goed vijftig jaar werking kreeg de vereniging ook de titel van ‘Koninklijke’ vereniging. Zo ging het Koninklijk Nationaal Verbond van Aardbeitelers (KNVA) ook tijdens het nieuwe millennium door het leven.
Door een nauwe samenwerking met de provincie Vlaams-Brabant en de proeftuin in Pamel werd de werking uitgebreid. Zo werd de aardbeitentoonstelling een onderdeel van de Dag van de Aardbei, georganiseerd ter promotie van de aardbei. Er namen ook telers van buiten de provinciegrenzen deel aan de tentoonstelling, waardoor deze nationale erkenning kreeg. Daarnaast werden de voorlichtingsactiviteiten samengebracht in een jaarlijkse studiedag die steevast de laatste zaterdag van februari plaatsvond. Verder waren er bedrijfsbezoeken en jaarlijkse buitenlandse reizen.
In 2012 werd de feitelijke vereniging omgevormd tot een vzw, omdat de aard van de activiteiten te risicovol was om met een feitelijke vereniging te organiseren. Meerdaagse buitenlandse groepsreizen met soms meer dan 50 deelnemers en opendeurdagen op bedrijven met honderden bezoekers vragen om een organisatie met rechtspersoonlijkheid. Voor dergelijke activiteiten zijn vaak ook sponsors of samenwerkingen nodig, en een vzw maakt dit mogelijk.
Maar tijden veranderen. Het productiegebied van aardbeien is verschoven, het aantal telers is sterk teruggelopen en de bedrijven die overblijven zijn veel grootschaliger geworden. De promotie van de aardbei werd mee geïntegreerd in een ruimer geheel van korte keten, waardoor het concept van de Dag van de Aardbei niet langer behouden bleef. Nog een nationale tentoonstelling organiseren zonder randanimatie en focus op de consument is voor de vzw geen optie meer. En met het wegvallen van de werking van het PPK kwam ook een einde aan de samenwerking rond de studiedag. Intussen is betaalde bedrijfsvoorlichting een vast gegeven geworden en wordt via nieuwsbrieven en online heel wat informatie verspreid. Het wordt steeds moeilijker om nog relevant te zijn voor de resterende bedrijven.
Daarom was het voor de vzw tijd om de werking te evalueren. Net zoals in vele andere verenigingen stijgt de gemiddelde leeftijd van de bestuursleden en blijkt verjonging moeilijk. Het is daardoor niet langer mogelijk om de oorspronkelijke doelstellingen te blijven
realiseren. Op de bijzondere algemene vergadering werd dan ook beslist om de vzw te ontbinden.
De promotie voor de aardbei en het kleinfruit in Vlaams-Brabant krijgt in de toekomst verder een plaats binnen de werking van Straffe Streek (vzw Streekproducten Vlaams- Brabant) en het korte keten beleid van de provinciale dienst Landbouw.
Zo blijven de producten die historisch zo sterk verbonden zijn met onze regio ook in de toekomst de nodige aandacht krijgen.
En wat na de vzw KNVA?
Een aantal nog actieve bestuurders van de ontbonden vzw bewaken nog even de nalatenschap van deze bloeiende vereniging. Zij hebben, zoals het ooit begon, een feitelijke vereniging ‘Vrienden van het KNVA’ opgericht met als missie en doel: de nagedachtenis van het KNVA verder laten leven onder de leden van de ontbonden vzw; aanwezig te zijn op of ondersteuning te bieden tijdens belangrijke momenten; waar nodig de aardbeitelers nog te verdedigen en te vertegenwoordigen; waar mogelijk nog kennis en info te delen onder de vroegere leden en eventuele vaste activa beschikbaar te houden voor de telers.
Zo zal bijvoorbeeld de oude ruggentrekker van het PPK overgenomen worden om zolang als nodig en mogelijk verder te gebruiken door de aardbeitelers uit de regio die door hun kleinschaligheid weinig alternatieven hebben. Op die manier kan de teelt in het oudste
productiegebied van het land nog verdergezet worden. Het zou zonde zijn mocht deze traditionele teelt hier volledig verdwijnen.
foto archief Persinfo