Innovatieve, kleinschalige ‘meccano-ecoducten’ moeten helpen om natuurverbindingen te realiseren in de uitdagende ruimtelijke context van Vlaanderen. De eerste realisatie komt aan de Nijvelsesteenweg in Halle en zal het Hallerbos en Maasdalbos met elkaar verbinden.
Lees ook: Natuurpunt analyseert aangereden dieren
Van de vier nationale parken in Vlaanderen staan de Brabantse Wouden het meest onder druk van ruimtelijke versnippering. De natuurkern van 10.000 hectare, gelegen tussen Halle, Brussel en Leuven in een lappendeken van ruimtelijke functies, wordt doorkruist door drukke wegen zoals de R0, E19, E411 en E40. In die uitdagende context werkt het Nationaal Park op verschillende manieren aan de realisatie van natuurverbindingen om de biodiversiteit te versterken.
Het eerste ecoduct van Vlaanderen werd in 2005 aangelegd in het Meerdaalwoud. Intussen staat de teller in de Brabantse Wouden op 4 grote ecoducten. Daarmee is een groot deel van het potentieel voor klassieke ecoducten die snelwegen overspannen benut. Nationaal Park Brabantse Wouden verlegt nu de focus naar het fijnmazigere netwerk van gewest- en gemeentewegen, wat vraagt om een heel andere aanpak. Het inspireerde voormalig Vlaams Bouwmeester Leo Van Broeck, vrijwilliger voor het Nationaal Park, tot het idee van modulaire ecoducten.
Steven Vanonckelen, coördinator Nationaal Park Brabantse Wouden: “In Vlaanderen kruisen dieren gemiddeld om de 300 meter een weg. Daartegenover staan slechts 10 ecoducten die de drukste punten overbruggen. Het gaat telkens om klassieke bouwwerken met een hoge bouwkost en een lange constructietijd. Daar ligt een grote meerwaarde voor kleinschalige, modulaire ecoducten.”
De zogenaamde meccano-ecoducten zijn opgebouwd uit gestandaardiseerde prefabsegmenten die ter plaatse relatief snel gemonteerd kunnen worden. Daardoor dalen de productiekosten en de bouwtijd, en is er minder economische schade door files. De bouw gebeurt zoveel mogelijk op locaties waar van nature al verhoogde bermen aanwezig zijn, zodat de grondaanvoer tot een minimum beperkt blijft. Het doel is een systeem te ontwikkelen waarmee we sneller en op meer plaatsen veilige verbindingen voor dieren en natuur kunnen aanleggen.
Eerste praktijktest
Een consortium van partners is nu klaar voor een eerste praktijktest. Er zijn middelen verzameld voor een pilootproject over de Nijvelsesteenweg (N28) ter hoogte van het Hallerbos. Deze locatie vormt de ideale testcase omdat ze omringd is door een cluster van kleinere bossen zoals Maasdalbos, waarmee het ecoduct de verbinding zal maken. De natuurbrug komt zo in het verlengde van het klassieke ecoduct over de E19, dat werd afgewerkt in 2025.
Benjamin Swalens (schepen van Natuur stad Halle): “Plan Boommarter dat tot doel heeft de versnipperde natuur te verbinden viert dit jaar zijn twintigste verjaardag. Dit innovatieve ecoduct is een mooi verjaardagsgeschenk. Het zal de migratie van dieren tussen het Hallerbos en Maasdalbos bevorderen.”
Het Nationaal Park Brabantse Wouden en Departement Omgeving zijn de initiatiefnemers van het modulair ecoduct. Daarnaast dragen ook Stad Halle, het Agentschap Innoveren en Ondernemen en het Vlaamse Randfonds bij. Het Agentschap voor Natuur en Bos, Agentschap Wegen en Verkeer en De Werkvennootschap maken dit project mee mogelijk.
Ben Weyts, minister van Vlaamse Rand: “De Vlaamse Rand is in veel opzichten een laboratorium voor de rest van Vlaanderen en dat bewijzen we nu opnieuw door pionierswerk te doen met een nieuw soort ecoduct. Ik begrijp heel goed dat de klassieke ecoducten minder vanzelfsprekend worden om te realiseren. Precies daarom is een kleinschaliger alternatief zo interessant. Als we in de Vlaamse Rand kunnen bewijzen dat dit nieuw type ecoduct groengebieden kan verbinden en talloze dierenlevens kan redden, dan hebben we een nieuw exportproduct te pakken”.
Foto: Conceptbeeld van een modulair ecoduct over de Nijvelsesteenweg ter hoogte van het Hallerbos – ©Nationaal Park Brabantse Wouden