Coach Frans Mattens "doet zijn verhaal": Topsport en Werken: Een Onmogelijke Evenwichtsoefening

Topsport vraagt het uiterste van lichaam en geest. Maar wie daarnaast ook voltijds werkt, bijvoorbeeld in het onderwijs, moet elke dag opnieuw een ingewikkelde puzzel leggen. Frans Mattens krijgt er als trainer ook frustraties van: “Het 
is oneerlijke competitie. Iemand die kan rusten na zware trainingen om …
Moet gaan werken.”
 
                               
 
Niet alleen moeten trainingen en wedstrijden minutieus afgestemd worden op een werkrooster, er moet ook voortdurend onderhandeld worden over verlof. En dat verlof wordt lang niet altijd toegekend — zelfs niet als het gaat om internationale kampioenschappen. De stress die daarmee gepaard gaat, sijpelt onvermijdelijk door naar het sportieve vlak. Maar zelden wordt die strijd erkend of begrepen.
 
Tussen klas en kampioenschap
 
In theorie klinkt het nobel: een topsporter die ook werkt, bijdraagt aan de maatschappij, met beide voeten op de grond. In de praktijk blijkt het vaak een dagelijkse uitputtingsslag. Je traint wanneer collega’s rusten. Je reist wanneer anderen weekend vieren. Je 
bereidt je tot in de puntjes voor op tornooien, om vervolgens te horen dat onbezoldigd verlof “niet past binnen de planning van de school”. En dat terwijl je je vervanging al geregeld hebt.
 
Frustraties stapelen zich op
 

Die structurele onwil of onwetendheid weegt. Zeker als je ziet dat andere atleten — soms in meer ‘zichtbare’ of gesponsorde sporten — wél ondersteuning krijgen via Sport Vlaanderen of hun federatie. Dat schept een gevoel van ongelijkheid. Je strijdt niet alleen tegen tegenstanders op het veld, maar ook tegen systemen die je prestaties eerder belemmeren dan ondersteunen.
 
Waarom blijft dit duren?
 
De redenen zijn divers, maar niet nieuw:

• Gebrek aan beleid: Er is geen eenduidig kader voor werkende topsporters.

• Onbekendheid: Werkgevers beseffen vaak niet hoeveel een sportcarrière eist — fysiek, mentaal én logistiek.

• Financiële realiteit: Niet elke topsporter krijgt subsidies of sponsorinkomsten die het mogelijk maken om een job on hold te zetten.

• Culturele houding: In landen als Noorwegen of Frankrijk en nog vele andere wordt topsport erkend als een volwaardige maatschappelijke rol. In België blijft het te vaak in het hokje ‘hobby’ steken.
 
Tijd voor een ander geluid
 
Het wordt stilaan onhoudbaar dat atleten van olympisch niveau onbezoldigd verlof moeten opnemen — en daarbovenop nog een pleidooi moeten houden om dat verlof überhaupt te krijgen. Wie wil dat België internationaal meedoet in de sport, moet ook structurele ruimte maken voor atleten die zich daar dag in, dag uit voor inzetten.

Misschien is het tijd dat niet alleen sporters blijven knokken, maar ook ministers, beleidsmakers en werkgevers hun verantwoordelijkheid opnemen. Wie wil oogsten, moet durven investeren.
 
Een terecht verhaal van Frans Mattens
Coach
                                                     

Nieuws melden Adverteren op Persinfo?